Algemene voorwaarden (1): wanneer bent u als consument aan gebonden aan “de kleine lettertjes”?

Algemene voorwaarden zijn voorwaarden die opgesteld worden door de gebruiker ervan om LVAHeaderWordpressonderdeel uit te maken van meerdere overeenkomsten. Het hanteren van dit soort voorwaarden draagt bij aan een vlot werkend handelsverkeer: door het gebruik ervan hoeft in bijvoorbeeld een supermarkt niet bij iedere klant individueel onderhandeld te worden over de precieze voorwaarden van de koopovereenkomst.

Ondanks het feit dat de meeste consumenten dagelijks met algemene voorwaarden te maken hebben, wordt vaak niet de moeite genomen om ze door te nemen. Pas op het moment dat een geschil met de gebruiker van de voorwaarden ontstaat, worden zij ermee geconfronteerd. De vraag rijst dan of u aan deze voorwaarden juridisch gebonden bent.

Algemene voorwaarden, definitie

De wet geeft in art. 6:231 Burgerlijk Wetboek een definitie van het begrip algemene voorwaarden:

“algemene voorwaarden: een of meer bedingen die zijn opgesteld teneinde in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen, met uitzondering van bedingen die de kern van de prestaties aangeven, voor zover deze laatstgenoemde bedingen duidelijk en begrijpelijk zijn geformuleerd”

Uit de definitie blijkt dat voordat gesproken kan worden van algemene voorwaarden in de zin van de wet, de voorwaarden in ieder geval:

(1) op een zodanige manier moeten zijn opgesteld dat zij in meerdere overeenkomsten kunnen worden gebruikt. Belangrijk hierbij is uiteraard de algemeenheid van de formulering van de voorwaarde (biedt de formulering ruimte voor toepassing bij iedere klant?). Een aanwijzing van het feit dat voorwaarden bestemd zijn om in meerdere overeenkomsten te worden opgenomen kan zijn dat zij daadwerkelijk in meerdere overeenkomsten zijn gebruikt.

(2) de voorwaarden niet mogen zien op de kern van de prestatie. Als vuistregel kan worden gesteld dat kernbedingen veelal zullen samenvallen met de essentialia zonder welke een overeenkomst, bij gebreke van voldoende bepaalbaarheid van de verbintenissen, niet tot stand komt (zie o.a. HR 21 februari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF1563). Denk bijvoorbeeld aan de prijs van een product, het soort product dat geleverd dient te worden of de af te nemen hoeveelheid. De vraag of een voorwaarde een kernprestatie betreft dient aan de hand van objectieve maatstaven te worden beantwoord.  Niet bepalend is of partijen het beding zelf als een kernbeding beschouwen.

(3) duidelijk en begrijpelijk moeten zijn geformuleerd.

In de wet wordt de partij die de voorwaarden in een overeenkomst gebruikt de gebruiker genoemd. De andere partij wordt aangeduid als de wederpartij (zie art. 6:231 sub b en c Burgerlijk Wetboek).

Zijn de algemene voorwaarden van toepassing?

Is er sprake van algemene voorwaarden in de zin van de wet, dan is afdeling 6.5.3 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing (art. 6:231 – 6:247) en dient zich de vraag aan of de voorwaarden in een concreet geval in de verhouding gebruiker – wederpartij van toepassing zijn. Voor een geslaagd beroep op een bepaling uit de algemene door de gebruiker is in ieder geval niet vereist dat de wederpartij bekend is met de voorwaarden of deze begrijpt (zie art. 6:232 Burgerlijk Wetboek).

Informatieplicht

Wél is van belang dat de gebruiker van algemene voorwaarden de wederpartij een redelijke mogelijkheid biedt om kennis te nemen van de algemene voorwaarden. Doet de gebruiker dit niet, dan kan de wederpartij de voorwaarden “vernietigen” (ongeldig verklaren) van art. 6:233 sub b Burgerlijk Wetboek). Dit wordt ook wel de informatieplicht van de gebruiker genoemd.

De wet schrijft in art. 6:234 Burgerlijk Wetboek voor hoe een gebruiker van algemene voorwaarden aan zijn informatieplicht kan voldoen:

  •  De gebruiker kan de algemene voorwaarden vóór of bij het sluiten van de overeenkomst ter hand stellen (overhandigen/toezenden/elektronisch ter beschikking stellen) aan de wederpartij;
  • Indien terhandstelling redelijkerwijs niet  mogelijk is (denk bijvoorbeeld aan de supermarkt, waar het overhandigen van algemene voorwaarden aan iedere klant niet verwacht kan worden), kan de gebruiker aan zijn informatieplicht voldoen door aan de wederpartij bekend te maken dat de voorwaarden bij hem/een Kamer van Koophandel of de griffie van een rechtbank zijn gedeponeerd en dat deze voorwaarden op verzoek zullen worden toegezonden.

Voorwaarde(n) onredelijk bezwarend

Omdat algemene voorwaarden snel van toepassing zijn (zie hierboven) en bovendien vaak niet gelezen worden door de wederpartij, ligt het gevaar op de loer dat de gebruiker misbruik maakt van de situatie door zeer nadelige bepalingen voor de wederpartij op te nemen.

Art. 6:233 sub a bevat daarom een tweede reden om een (bepaling uit) de algemene voorwaarden ongeldig te verklaren: is een bepaling uit de algemene voorwaarden “onredelijk bezwarend” voor de wederpartij, dan kan deze vernietigd worden:

“art. 233 Een beding in algemene voorwaarden is vernietigbaar a. Indien het, gelet op de aard en de overige inhoud van de overeenkomst, de wijze waarop de voorwaarden zijn tot stand gekomen, de wederzijdse kenbare belangen van partijen en de overige omstandigheden van het geval, onredelijk bezwarend is voor de wederpartij […]”

Art. 233 is nogal ruim geformuleerd, waardoor het lastig kan zijn om te beoordelen of een concrete bepaling uit algemene voorwaarden onredelijk bezwarend is voor de wederpartij. De wetgever heeft daarom in art. 6:236 en 6:237 Burgerlijk Wetboek lijsten opgesteld van soorten bedingen die ten opzichte van een consument altijd als onredelijk bezwarend aangemerkt moeten worden (art. 6:236, de zogenaamde “zwarte lijst”) en bedingen die vermoed worden onredelijk bezwarend te zijn voor de consument (art. 6:237, de “grijze lijst”). Zo is bijvoorbeeld een beding dat de mogelijkheid voor de consument tot ontbinding van een overeenkomst uitsluit per definitie vernietigbaar en wordt een beding dat een wettelijke mogelijkheid tot verrekening door de wederpartij uitsluit vermoed onredelijk bezwarend te zijn.

Algemene voorwaarden en commerciële partijen

Is de wederpartij van de gebruiker van de algemene voorwaarden geen consument maar een zakelijke partij, dan zijn art. 6:236 en 6:237 Burgerlijk Wetboek niet bindend. De lijsten kunnen echter ook in zakelijke verhoudingen een rol spelen bij beantwoording van de vraag of een beding onredelijk bezwarend is in de zin van art. 6:233 sub a Burgerlijk Wetboek.

Ook bij het sluiten van een overeenkomst tussen zakelijke partijen kunnen algemene voorwaarden voor heel wat problemen zorgen. Zo zal het niet zelden voorkomen dat beide partijen ieder hun eigen algemene voorwaarden op de overeenkomst (willen) verklaren. De wet bevat ook voor dit probleem (Battle of Forms)  een regeling. In een volgend artikel op deze blog zal dieper ingegaan worden op deze problematiek rondom het gebruik van algemene voorwaarden door zakelijke partijen.

Heeft u een geschil rondom algemene voorwaarden? Neem dan vrijblijvend contact op met LenaertsVoorvaart Advocaten voor deskundig juridisch advies op maat.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s